Nieuws

Een snellere lijn is niet per se efficiënter

efficient produceren onproveZoveel mogelijk produceren tegen een zo hoog mogelijk rendement. Dat is de wens van elke manager. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Een greep naar de snelheidsknop lijkt logisch. Want een snelle lijn betekent meer productie dus meer rendement. Toch?

Een stelling: Een snelle lijn levert rendement op. Zeker. Maar een rustig draaiende, efficiënt ingerichte lijn, levert nog vele malen meer op. Om dat te begrijpen moeten we eerst af van een hardnekkige en diep ingesleten misvatting; namelijk dat de efficiency van een lijn bepaald wordt door de snelheid waarmee hij draait. Snelheid is namelijk slechts één van de vele factoren die van invloed zijn op de efficiëntie van de lijn. Zolang men geen rekening houdt met al die andere factoren die de lijn, op een soms heel onverwachte manier, beïnvloeden, zal die nooit optimaal draaien hoe hoog de snelheidsknop ook staat.

 

Snelheid van een proceslijn

Een voorbeeld: Een kaasproducent produceert 8 verpakkingen met plakjes gesneden kaas in een van 150 gram in een werktuig . De maximale machinecapaciteit is 10 slagen per minuut. Even snel uitgerekend betekent dat dat de producent 720 kilogram per uur kan produceren.

Normaal gesproken staan er vier mensen aan de lijn. Maar door de toegenomen snelheid van de lijn ontstaat er een probleem bij het inpakken. De inpakster houdt het allemaal nét niet bij, en er moet hulp ingeroepen worden. Gevolg is dat er twee mensen nodig zijn aan de inpaklijn. Dat maakt vijf mensen in totaal op de hele lijn. Verdeel het aantal kilogram door het aantal mensen aan de lijn, en je komt op een productie van 144 kg per man per uur.

Laten we het nu eens op een andere manier aanpakken: We nemen dezelfde machine met dezelfde hoeveelheid kaas. Maar dit keer zetten we de machine op 9 takten per minuut. In de praktijk betekent dit dat de machine in totaal 9 takten x 8 verpakkingen van 150 gram produceert. De producent produceert dan dus 648 kilogram kaas per uur. Inderdaad. Minder dan de hoeveelheid in het bovenstaande voorbeeld.

Doordat de snelheid echter is afgenomen, kan de inpakster het allemaal prima alleen handelen, waardoor er uiteindelijk maar vier man op de lijn nodig zijn. Deel die 648 kg per uur door de vier man, en je komt op een totale hoeveelheid van 162 kg per man per uur. Door de machine langzamer te laten draaien, winnen we dus 18 kg de man per uur.

Totaal inzicht in productielijn

De voorbeelden geven aan dat efficientie niet in de snelheid zit, maar in het totale inzicht in de lijn. Een goede analyse van de productielijn, het inzichtelijk maken van het rendement, het analyseren van eventuele hick-ups en het maken van een risico-inventarisatie zijn allemaal onderdelen die met elkaar het rendement overall flink kunnen verbeteren. Hierbij is het belangrijk rekening  te houden met elke zaak die van invloed is op het functioneren van de productielijn bijvoorbeeld:

- juist geinstrueerde mensen aan de lijn

- ombouwsnelheid

- de schoonmaakmethode die wordt gebruikt

- de ruimte om een lijn

- de planning

- het tijdig aanleveren van de juiste grond- en hulpstoffen aan de lijn

- de kwaliteit van de communicatie tussen je medewerkers op verschillende niveaus

De laatste is een van de belangrijkste aspecten voor een efficiente productielijn.

Goede communicatie

Zo is het bijvoorbeeld erg belangrijk dat de informatie vanaf de werkvloer, goed aankomt bij de leidinggevende. Door de communicatielijnen zo open mogelijk te houden, is de leidinggevende snel op de hoogte van een eventueel probleem, en kan men zo snel mogelijk ingrijpen.

Teambordstructuur

Om de communicatie tussen de medewerkers zo helder en gestructureerd mogelijk te laten verlopen, is een teambordstructuur een optie. Deze structuur bestaat uit drie onderdelen, die ingezet worden op de verschillende niveaus.De teambordstructuur fungeert als kapstok om doelstellingen binnen het bedrijf helder te krijgen en noodzakelijke acties uit te voeren. Dus geen tijdrovende emotionele discussies of schuldvragen meer, maar een heldere en duidelijke probleemanalyse met daaraan gekoppelde acties en verantwoordelijkheden.

Hartslagbord

Om het dagelijkse Dagbordoverleg binnen de productie-afdeling te voorzien van de juiste informatie word er gewerkt met een Hartslagbord. Dit Hartslagbord is voor iedereen op elk moment toegankelijk. Hierop worden eventuele afwijkingen van de Key performance indicator (KPI )direct vastgelegd. Zo mogelijk vermeldt de verantwoordelijke voor de lijn een directe actie om het probleem zo spoedig mogelijk op te lossen. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt het probleem gemeld bij de andere afdelingen. Door een gerichte omschrijving van de verstoring en direct daaraan gekoppelde actiepunten, wordt een probleem al vanaf de wortel aangepakt. Problemen die niet door de lijn kunnen worden opgelost worden geëscaleerd naar het dagelijkse teambord.

Dagbordoverleg

Het dagelijks dagbordoverleg functioneert als de kransslagader binnen een bedrijf. Door een eenvoudige en tactische analyse op verschillende operationeel niveaus worden de processen dagelijks, wekelijks en maandelijks intensief gemonitord. Dit geeft inzicht in de KPI’s en worden eventuele problemen wat betreft veiligheid, kwaliteit en performance direct blootgelegd.

Training leantools

Naast het inzetten van teamborden, is het verstandig de medewerkers zo goed mogelijk te trainen in de zogenaamde  leantools. Een voorbeeld van zo’n training is de Yellow Belt, speciaal gemaakt voor de operator. Tijdens deze training leert hij zelf  een probleemanalyse te doen en met verbetervoorstellen te komen.  Een grondige aanpak van de hele productielijn is dus nodig om het continue verbeterproces te kunnen blijven waarborgen. Wanneer een van de elementen niet meegenomen wordt in het proces, blijven ze een hick-up vormen naar het doel dat wordt nagestreeft; namelijk een zo efficient mogelijke lijn met een zo groot mogelijk rendement.

Auteur: Marc van Amersfoort is directeur bij Onprove.

'Clean label wordt steeds belangrijker’

Clean LAbel 2Uit onderzoek van BENEO blijkt dat consumenten meer aandacht besteden aan de ingrediënten die in een product zitten dan aan de beschrijving van het product of het merk.

Consumenten willen gezondere keuzes maken en dit toont aan hoe belangrijk het is om gebruik te maken van clean labeling.

Het onderzoek is gedaan in het Verenigd koninkrijk, Duitsland en de Verenigde staten. Er hebben in totaal 3000 consumenten meegedaan.

Ingrediënten 

Het lijkt erop dat er meer vrouwen zijn die de voorkeur hebben om de ingrediënten op de verpakking te lezen, dan het product te kopen op merknaam. Al blijkt uit het resultaat dat ook mannen de ingrediënten belangrijker vinden dan het merk.

In totaal kijkt 51% van alle mensen uit de drie landen naar ingrediënten op de verpakking. 56% in Amerika, 51% in het Verenigd Koninkrijk en 47% in Duitsland. (53% vrouw, 49% man).

45% van de respondenten kijkt naar het merk:  51% in Amerika,  43% in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland (48% man, 43% vrouw).49% kijkt naar de productbeschrijving:  51% in het Verenigd Koninkrijk, 49% in Duitsland en 46% in Amerika. (50% vrouw, 47% man).

GMO

De consumenten is gevraagd wat ze verwachten van een natuurlijk product. 

Hierbij liet 59%  weten dat ze verwachten dat een natuurlijk product gezond is. (54% Duitsland, 60% het Verenigd Koninkrijk en 63% Amerika).

53% van alle consumenten verwacht dat het product niet genetisch gemodificeerd is. (50% het Verenigd Koninkrijk, 50% Amerika en 60% Duitsland).

50% gaf aan dat het product van goede kwaliteit moet zijn (46% Duitsland, 53% Verenigd Koninkrijk en 52% Amerika). Wat de consumenten hiermee bedoelen, wordt niet verteld.

Clean label

Omdat clean label zo belangrijk blijkt bij ongeveer de helft van de ondervraagde mensen, zijn er een paar testen gedaan met tomatensaus. Het meest populair was het label ‘gemaakt met natuurlijke ingrediënten’. 56% zei dat het duidelijk te zien was dat het product natuurlijk is. 

De consumenten kregen ook nog drie andere verpakkingen te zien. één met gemodificeerd maiszetmeel, één met rijstzetmeel en één met E nummers. 73% koos voor de verpakking met rijstzetmeel, 19% die met maiszetmeel en 8% voor het product met E nummers. 

Uit de hierboven genoemde cijfers blijkt dat mensen een natuurlijk product associëren met ‘geen kunstmatige toevoegingen.’ En dat de consumenten zoeken naar duidelijke en relevante teksten op verpakkingen.

Bron VMT

Tekort technici in de voedingsindustrie blijft fors

 

ROVC Bijna vijftig procent van de voedingsbedrijven verwacht een tekort aan technici de komende vijf jaar, zo blijkt uit onderzoek van technisch dienstverlener ROVC. Bij alle technische bedrijven ligt dit percentage op ongeveer 80%.

De laatste vijf jaar heeft een kwart van de organisaties een kwalitatief tekort ervaren (24%), 11% alleen een kwantitatief tekort, 38% heeft met beiden vormen van tekorten te maken gehad.

John Huizing, directeur van ROVC: “Er zijn verschillende oorzaken voor het tekort aan technici. Kijkend naar het kwalitatieve tekort is dat bijvoorbeeld een kennisgebrek door technologische vernieuwing. Een groot deel van het technische werk vindt plaats achter de computer of met machines. Technici die al langer in het vak zitten zijn een totaal andere werkwijze gewend en hebben niet de passende vaardigheden voor deze ontwikkeling. Dit geldt echter niet alleen voor oudere medewerkers. Het reguliere onderwijs sluit slecht aan op de praktijk, waardoor technisch personeel niet goed voorbereid is op de werkzaamheden. Schoolverlaters beschikken niet over de kennis en kunde die het werk vereist”.

Voedingsindustrie

In de voedselindustrie wordt een tekort verwacht van 47%. 7% van de voedingsbedrijven verwacht een kwantitatief tekort, 19% een kwalitatief tekort en 47% verwacht beide. De belangrijkste oorzaken van het tekort aan technici zijn kennisgebrek, een slecht imago in de technische branche, een slechte aansluiting van regulier onderwijs op het bedrijfsleven, vergijzing en weinig doorstoom binnen een organisatie.

Stress op werkvloer

De gevolgen van een tekort aan technici op de werkvloer zijn: drukte en stress op de werkvloer, hogere lonen voor technici en een stagnerende groei.           Ook geeft een groot deel aan (86%) dat het tekort een negatief effect heeft of zal hebben bij alle technische organisaties. Bedrijven moeten nieuwe manieren gaan vinden om technici aan te trekken bijvoorbeeld door ze zelf op te leiden, zo meldt het ROVC in het rapport.

Bron VMT

Consumentenbond dringt aan op alternatief Vinkje: ‘Consument gebaat bij voedselkeuzelogo’

VoedselkeuzelgogVanaf 19 oktober mogen fabrikanten het Vinkje niet meer gebruiken. Het voedselkeuzelogo wordt als misleidend gezien en de Consumentenbond is blij dat het verdwijnt. Wel wil de bond dat er een een alternatief voedselkeuzelogo komt. Uit hun onderzoekt blijkt namelijk dat consumenten behoefte hebben aan een logo dat gezonde keuzes makkelijker maakt. De Consumentenbond denkt aan de Franse Nutri-Score of het Britse stoplichtensysteem.

Tijdens het onderzoek kregen 1600 consumenten  vier keer twee ontbijtgranen om uit te kiezen. Op het oog dezelfde producten maar de één is volgens de 

Consumentenbond gezonder dan de ander. Hierbij werden de vragen gesteld welk product de consument zou kiezen en welk product hem gezonder leek. Consumenten bleken vaker het gezondere product te kiezen als er een gezondheidslogo op stond.

Meer dan de helft voor een voedselkeuzelogo

Bij dit onderzoek werkte de Consumentenbond met twee logo’s: Het Franse Nutri-Score en het Britse Verkeerslichtlogo. Bij sommige vergelijkingen kregen de respondenten de bijbehorende logo’s te zien. Bij alle vergelijkingen was één van de varianten gezonder dan de ander.

62% van de consumenten geeft aan makkelijker een keuze te maken als er voedselkeuzelogo’s op producten staan.  Deze resultaten zijn in lijn met eerder onderzoek van de Consumentenbond. Hierbij kregen consumenten algemene informatie over drie bestaande voedselkeuzelogo’s voorgelegd in combinatie met fictieve voorbeelden van yoghurtverpakkingen.

Verder was 74% het eens met de stelling: ‘Het is een goede zaak als er voedselkeuzelogo’s op ontbijtgranen worden vermeld.’

 43% was het eens met de stelling: ‘Ik vind het moeilijk om te vergelijken hoe gezond verschillende ontbijtgranen zijn.’

In één oogopslag zichtbaar of een product gezond is

Op basis van dit onderzoek concludeert de Consumentenbond  dat er  draagvlak is onder consumenten voor een voedselkeuzelogo. 

Bart Combée, directeur Consumentenbond: “Hoe gezond een product is, is in één oogopslag zichtbaar als er een logo met verkeerslichtkleuren op de voorkant van de verpakking staat. Een voortvarende aanpak door het ministerie van Volksgezondheid is vereist om nu écht te komen tot een evenwichtig, onafhankelijk en begrijpelijk voedselkeuzelogo”.

Bron VMT

Voedingsindustrie loopt achter in robotisering, inhaalslag gaande

De voedingsindustrie maakt nog niet genoeg gebruik van de mogelijkheden die robotisering biedt. De sector kent een lage robotdichtheid en loopt duidelijk achter in de robotiseringsslag, zo blijkt uit een rapport van ABN Amro.

Robots in de voedingsindustrie dienen flexibel te zijn, te voldoen aan strenge wet- en regelgeving en foodondernemers zijn relatief conservatief als het gaat om innovaties. Dit zijn allemaal redenen waarom de voedingsmiddelenindustrie achterloopt in robotisering vergeleken met andere sectoren zoals bijvoorbeeld de auto-industrie, zo blijkt uit het rapport ‘Robotisering in de sector Food’ van ABN Amro. De technologie voor verdergaande robotisering legt er. Bovendien maken trends en ontwikkelingen in de foodsector dat dit steeds wenselijker wordt, aldus ABN Amro.

ABN grafiek 1

Personeelskrapte voedingsindustrie

Eén zo’n ontwikkeling is het tekort aan arbeidskrachten die robots kunnen terugdringen. Zij kunnen een oplossing bieden voor groente snijden in een koude omgeving. Door de inzet van robots kunnen processen in de voedingsmiddelenindustrie geautomatiseerd worden, meldt de bank. Dit vergt in eerste instantie wel een investering. Verdergaande robotisering leidt tot andere banen die andere vaardigheden vragen van medewerkers.

Voedselverspilling

Volgens ABN Amro kunnen robots ketens verkorten en daardoor een rol spelen bij het terugdringen van voedselverspilling. De meeste verspilling gebeurt aan het begin van de keten: bij de boer en fabrikant. Door de kwaliteit van producten met behulp van kunstmatige intelligentie zo vroeg mogelijk in de keten op individueel niveau vast te stellen, kan het terughalen van onveilige producten worden voorkomen, aldus ABN Amro. Op die manier wordt voedselverspilling voorkomen. Verder kunnen robots op verschillende onderdelen van het productieproces data vergaren waardoor bedrijven processen efficiënter kunnen inrichten.

 

Big data

De voedingsmiddelenindustrie mag dan wel een relatief lage robotdichtheid hebben, vergeleken met andere industriële sectoren, sinds 2016 is wel een inhaalslag bezig. Dit komt door de opkomst van big data en kunstmatige intelligentie. Daarbij signaleert ABN Amro verschillende uitdagingen.

ABN grafiek 2

“Verse producten, zoals paprika’s of tomaten verschillen in grootte, vorm en gewicht. De verwerkingslijnen moeten dus flexibel zijn en juist deze flexibiliteit is een grote uitdaging voor robots. Een robot handelt namelijk het makkelijkst in een gecontroleerde omgeving”, vertelt Nadia Menkveld, Sector Econoom Food en Agrarisch van ABN Amro. Menkveld: “Door de snelle ontwikkelingen op het gebied van AI, big data en mechanica vindt een ommekeer plaats en wijzen alle signalen erop dat de voedingsmiddelenindustrie klaar is om robotisering te omarmen.”

Bron VMT